Twaalf dagen nadat de Verenigde Staten en Iran een memorandum tekenden dat een einde aan hun oorlog moest maken, bombardeerde Amerika Iraanse doelen in de Straat van Hormuz en sloeg Iran terug op Amerikaanse bases in Koeweit en Bahrein. Nog geen week later zaten onderhandelaars van beide landen weer in Doha aan tafel, meldden de bemiddelaars "positieve voortgang", en verklaarde de Amerikaanse president dat Iran het "over zowat alles wat we nodig hebben" eens was geworden. In diezelfde dagen bereidde Teheran de begrafenis voor van de man wiens dood de hele oorlog inluidde.
Wie de eerste week van juli 2026 overziet, ziet geen rechte lijn naar vrede of naar oorlog, maar een pendelbeweging: escalatie, dan terugkeer naar de tafel, dan opnieuw geweld, dan weer diplomatie. De wapenstilstand tussen Washington en Teheran beweegt voortdurend, maar ze sluit niet. En terwijl de aandacht naar de Golf trekt, raast tweeduizend kilometer naar het noorden de oorlog in Oekraïne onverminderd door, met een Amerikaanse macht die zich uit Europa terugtrekt omdat ze niet langer overal tegelijk kan zijn.
De regulateur de Golf
De escalatie van eind juni was heftig maar kort. Nadat een vrachtschip in de Straat van Hormuz was geraakt, voerde het Amerikaanse Centraal Commando naar eigen zeggen aanvallen uit op tien Iraanse militaire doelen wegens "voortgezette Iraanse agressie tegen de scheepvaart". Iran claimde vergeldingsaanvallen op Amerikaanse bases in Koeweit en Bahrein; Saoedi-Arabië veroordeelde de aanvallen op zijn buurlanden als "overduidelijk". De Amerikaanse president dreigde dat de Islamitische Republiek "niet langer zou bestaan" als de oorlog hervat werd.
Maar het vuren bekoelde in de dagen voor de indirecte gesprekken in Doha, waar de bemiddelaars Qatar en Pakistan afzonderlijk met de Amerikaanse en Iraanse delegaties spraken. Er werd een communicatiekanaal afgesproken om vermeende schendingen van het akkoord te melden en te registreren — een de-escalatiemechanisme dat erkent dat incidenten onvermijdelijk zijn. Over de bevroren Iraanse tegoeden werd "enige voortgang" geboekt: van de zes miljard dollar die in Qatar vastzit, mag Iran een deel gebruiken om, in de woorden van de betrokkenen, "benodigde goederen" te kopen. De volgende ronde — ditmaal mogelijk directe gesprekken — wordt verwacht in de derde week van juli, na de begrafenis van de opperste leider Khamenei.
Het is precies deze afwisseling van geweld en gesprek die de hele oorlog heeft gekenmerkt. De diplomatie en het slagveld vinden niet na elkaar plaats, maar gelijktijdig. De Iraanse parlementsvoorzitter Mohammad Baqer Ghalibaf vatte het samen met de opmerking dat, wanneer een oorlog van deze omvang eindigt, "implementatie-uitdagingen, incidenten en meningsverschillen onvermijdelijk zijn, vooral waar partijen als het Israëlische regime bij betrokken zijn". Iran framet de escalatie dus niet als een breuk, maar als de onvermijdelijke haperingen van een moeizaam proces.
De strijd om de volgorde
Onder de "positieve voortgang" schuilt echter een structurele impasse die de kern van het hele akkoord raakt: de partijen zijn het fundamenteel oneens over de volgorde waarin de zaken moeten worden geregeld. Volgens de Pakistaanse bemiddelaars heeft Iran laten weten de Straat van Hormuz niet volledig te heropenen totdat het "belangrijkste" punt van het memorandum is vervuld — een staakt-het-vuren op alle fronten en de terugtrekking van Israëlische troepen uit Zuid-Libanon. En scherper nog: Teheran wil geen enkel gesprek voeren over het nucleaire dossier — officieel de hele aanleiding van de oorlog — totdat de kwesties rond Libanon en de bevroren tegoeden "volledig" zijn opgelost.
Washington ziet dat anders. De Amerikaanse positie is dat de uitvoering van de reeds overeengekomen punten en de onderhandelingen over de openstaande kwesties "samen moeten gaan", en dat de geregelde zaken niet mogen worden opgehouden door de nog onopgeloste. Iran is het daar uitdrukkelijk mee oneens.
Die volgorde-strijd is geen technisch detail. Het toont dat Iran zijn twee sterkste troeven — de controle over Hormuz en de bereidheid tot nucleaire gesprekken — bewust achterhoudt als drukmiddel om eerst zijn eigen eisen binnen te halen: de Israëlische terugtrekking uit Libanon en de vrijgave van zijn tegoeden. Het nucleaire programma, waarvoor de oorlog officieel begon, wordt door Teheran als laatste bewaard, als onderpand. Een analist van het Londense onderzoeksinstituut RUSI merkte eerder op dat voor Iran juist "een langgerekte onderhandeling, vergezeld van gecontroleerde druk in de zeestraat" in zijn voordeel kan werken. Precies dat lijkt nu de Iraanse strategie.
Tegen die achtergrond klonk de uitspraak van de Amerikaanse president deze week opmerkelijk. Iran, zei hij, was het "over zowat alles wat we nodig hebben" eens geworden. Dat staat haaks op wat zijn eigen onderhandelaars en de bemiddelaars melden — een doodlopende weg waarin het enige dat de VS werkelijk "nodig heeft", het nucleaire dossier, niet eens op tafel mag komen. Het is de terugkeer van een patroon dat deze oorlog vanaf het begin heeft getekend: niet alleen onenigheid tussen de partijen, maar botsende versies van de werkelijkheid, nu zelfs tussen de president en zijn eigen diplomatieke proces.
De begrafenis van een tijdperk
Boven dit alles hangt een gebeurtenis die de hele oorlog in één historische boog vat. Ayatollah Ali Khamenei, de opperste leider van Iran, werd op 86-jarige leeftijd gedood in zijn complex in het centrum van Teheran op 28 februari — de allereerste dag van de oorlog. De macht ging snel over op zijn zoon Mojtaba. Ruim vier maanden later, terwijl de vrede rond zijn nalatenschap wordt onderhandeld, begint zijn publieke begrafenis: het lichaam wordt vanaf zaterdag opgebaard in Teheran, de teraardebestelling volgt op 9 juli bij het heiligdom van Imam Reza in Mashhad, zijn geboortestad.
Dat de volgende onderhandelingsronde bewust ná die begrafenis wordt gepland, is veelzeggend. De oorlog begon met de dood van de vader; de moeizame vrede wordt getekend onder de zoon, en de diplomatie schikt zich naar het rouwritueel. Een teken van hoe diep de onthoofding van eind februari nog nawerkt, kwam deze week toen een Iraanse generaal voor het eerst uit onderduik tevoorschijn kwam om de begrafenis bij te wonen — maanden nadat de Iraanse veiligheidstop ondergronds was gegaan. De Islamitische Republiek begraaft niet alleen een man, maar bezegelt een machtsoverdracht die zich in oorlogstijd, grotendeels in het verborgene, heeft voltrokken.
Libanon: de breuklijn die blijft
De reden dat de diplomatie vastloopt, ligt grotendeels in Libanon — de breuklijn die deze oorlog vanaf het begin heeft bedreigd. Vorige week werd in Washington een trilateraal raamwerkakkoord tussen Libanon, Israël en de Verenigde Staten getekend, dat de weg moet het gelijk maken naar vrede en naar de ontwapening van Hezbollah. De Israëlische premier noemde het "historisch". Maar op de grond blijft de kloof onoverbrugd.
De Libanese president verklaarde deze week dat zijn land "geen centimeter" grondgebied aan Israël zal afstaan. Israël, op zijn beurt, laat weten in de bezette veiligheidszone in Zuid-Libanon te blijven "zolang Hezbollah een bedreiging vormt" — de premier bezocht het gebied vorige week persoonlijk om dat te onderstrepen. Iran maakt de Israëlische terugtrekking tot harde voorwaarde voor elke definitieve regeling. En het geweld is niet gestopt: Libanese media meldden een aanval op Nabatieh, en het Israëlische leger doodde een Hezbollah-strijder bij een strategische heuvelrug. Vrede getekend in een conferentiezaal, verworpen op de grond, en al weer geschonden in de heuvels — het is het patroon van de hele oorlog.
Een detail illustreerde deze week hoe diep de breuk tussen Washington en zijn eigen bondgenoot loopt: volgens berichtgeving vreesde de Amerikaanse regering dat Israël de Iraanse onderhandelaars zou kunnen aanvallen tijdens de gesprekken. De beschermheer moest, met andere woorden, zijn onderhandelingspartners beschermen tegen zijn eigen bondgenoot.
Het noordelijke front en de terugtrekkende reus
Terwijl de Golf pendelt tussen geweld en gesprek, kent de oorlog in Oekraïne geen enkele adempauze. Russische aanvallen op Kyiv doodden deze week minstens eenentwintig mensen; de Oekraïense president, staand voor een verwoest flatgebouw, beloofde dat zijn land "zeker" zou terugslaan. Kyiv zet zijn campagne tegen de Russische energie-infrastructuur onverminderd voort — naar eigen opgave werden in juni elf olieraffinaderijen getroffen, waaronder er een ruim dertienhonderd kilometer achter het front. Het is dezelfde logica als in het zuiden: de oorlogsmachine van de tegenstander raken bij zijn brandstof en zijn productie. Energie is in beide oorlogen het wapen geworden.
En in beide oorlogen wordt dezelfde Amerikaanse macht uitgerekt. Trumps schoonzoon Jared Kushner, die deze week in Doha aan het Iran-dossier werkte, voerde tegelijk gesprekken met Oekraïense functionarissen. Het is een concreet beeld van een supermacht wier onderhandelingscapaciteit eindig is: één klein team dat twee oorlogen tegelijk moet behappen, terwijl het vredesspoor met Rusland naar eigen zeggen "al maanden stilligt".
Die eindigheid werd deze week op het scherpst geformuleerd door niemand minder dan de opperbevelhebber van de NAVO. De Europese bondgenoten, zei generaal Alexus Grynkewich, hebben "in een kwestie van weken" grotendeels de gaten opgevuld die de Amerikaanse troepenreducties in de defensieplannen van het bondgenootschap achterlieten. De cijfers zijn fors: een derde minder Amerikaanse gevechtsvliegtuigen voor de NAVO, een halvering van de drones en de maritieme patrouillevliegtuigen, en nog maar één vliegdekschip en één strategische bommenwerper in plaats van twee. Het doel, aldus de commandant, is een einde te maken aan een "ongezonde onderlinge afhankelijkheid" van Amerikaanse strijdkrachten — "nu Washington de mogelijkheid van gelijktijdige conflicten in meerdere theaters onder ogen ziet".
Daarmee is de verbinding tussen de twee oorlogen expliciet gemaakt door de hoogste militair van het bondgenootschap zelf: de Verenigde Staten trekken zich terug uit Europa juist omdat ze Iran, Oekraïne en potentieel Azië tegelijk moeten kunnen behappen. Het is geen terugtrekking uit zwakte, maar een herschikking uit noodzaak — een reus die zijn krachten moet rantsoeneren. Niet alle bondgenoten aanvaarden die logica gelaten: de Duitse defensieminister waarschuwde deze week dat de NAVO "niet gaat over absolute gehoorzaamheid" aan Washington. De trans-Atlantische spanning komt volgende week samen op de NAVO-top in Ankara, waar de Amerikaanse president wordt verwacht en waar de Oekraïense president hoopt hem te spreken. Dezelfde top wordt zo het scharnier van beide oorlogen tegelijk.
Een wereld tussen de fronten
Wat de eerste week van juli laat zien, is een wereld die niet in de stelligheid van oorlog of vrede te vatten is. In de Golf beweegt de diplomatie, maar ze sluit niet — ze stokt op de volgorde, op Libanon, op de vraag wie de zeestraat beheerst. In het noorden beweegt niets richting de uitgang, en escaleert het geweld verder. En over beide fronten hangt een Amerikaanse macht die niet langer overal tegelijk aanwezig kan zijn, en die haar bondgenoten — in de Golf en in Europa — dwingt meer te dragen.
Het is verleidelijk om in zo'n moment grote conclusies te trekken over het einde van een tijdperk. Maar de eerlijkheid gebiedt terughoudendheid: de situatie verandert per dag, de claims van alle partijen lopen sterk uiteen, en niets aan deze onderhandelingen ligt vast. Wat wel zichtbaar is, is een patroon dat zich blijft herhalen — akkoorden die worden getekend zonder de oorlog te beëindigen, geweld dat terugkeert zodra de diplomatie hapert, en breuklijnen die niet worden opgelost maar verplaatst. Volgende week wordt in Mashhad een opperste leider begraven, in Ankara een bondgenootschap herschikt, en in Doha, als alles meezit, opnieuw onderhandeld. Of dat de vrede dichterbij brengt, of slechts de volgende slinger van de pendel, zal moeten blijken.
Bronnen
Westerse persbureaus
- Reuters — SACEUR generaal Alexus Grynkewich over de Europese overname van de NAVO-defensiegaten; de concrete Amerikaanse troepenreducties; “gelijktijdige conflicten in meerdere theaters” (via Al Arabiya, 2 juli 2026)
- Reuters — Oekraïense aanvallen op elf Russische raffinaderijen in juni (Ufa, Penza); Zelensky’s “long-range sanctions” en “40-daagse campagne” (via Al Arabiya, 1 juli 2026)
- Agence France-Presse (AFP) — samenvattende stand na de Doha-gesprekken; het communicatiekanaal voor schendingen; de Khamenei-begrafenis; de situatie op de grond in Libanon (via Al Arabiya, 2 juli 2026)
Golf- en pan-Arabische media
- Al Arabiya English — eigen berichtgeving: Trump “Iran eens over zowat alles”; de vrees dat Israël de Iraanse onderhandelaars zou aanvallen; de Libanese president “geen centimeter”; het verloop van de indirecte Doha-gesprekken
Turkse media
- Anadolu Agency (AA) — de verwachte directe gesprekken in de derde week van juli; Irans strikte volgorde-eis (eerst Libanon en tegoeden, dan pas nucleair); de Amerikaanse tegenpositie (“alles moet samen gaan”); de Duitse defensieminister over de NAVO
Amerikaanse zijde
- US Central Command (CENTCOM) — verklaring over de aanvallen op tien Iraanse doelen wegens “voortgezette agressie tegen de scheepvaart”
- Donald Trump (publieke uitspraken, o.a. CNBC) — “zowat alles wat we nodig hebben”; het ultimatum “Iran zal niet langer bestaan”
- Matthew Whitaker (VS-ambassadeur bij de NAVO) — “de last verschuiven naar de bondgenoten”
Iraanse zijde
- Iraanse onderhandelingsdelegatie / parlementsvoorzitter Ghalibaf — “onvermijdelijke implementatie-uitdagingen en incidenten”; de volgorde-eis via de bemiddelaars
- President Pezeshkian (eerder) — het memorandum als “grote overwinning voor het Iraanse volk”
De bemiddelaars
- Ministerie van Buitenlandse Zaken van Pakistan en Qatarese bemiddelaars (via Anadolu en Al Arabiya) — “positieve voortgang”; de planning van de volgende ronde ná de begrafenis
Oekraïne / noordelijk front
- President Zelensky (via Al Arabiya / agencies) — vergelding voor de aanval op Kyiv (21+ doden); de gesprekken tussen Kushner en de Oekraïense functionaris Umerov; de hoop op een ontmoeting met Trump in Ankara
Europese tegenstem
- Duitse minister van Defensie (via Anadolu) — “de NAVO gaat niet over absolute gehoorzaamheid aan de VS”
Analyse
- Royal United Services Institute (RUSI), Londen — over Irans belang bij een gerekte onderhandeling met “gecontroleerde druk” in de zeestraat
Dit betreft een zich ontvouwende situatie. Uitspraken en claims van de betrokken partijen — over de voortgang van de onderhandelingen, de status van de Straat van Hormuz, de reikwijdte van het akkoord op het Libanese front en de aard van de militaire incidenten — zijn weergegeven als claim, niet als vaststaand feit. De bronnen vertegenwoordigen bewust uiteenlopende en deels tegenstrijdige perspectieven; framing en woordkeuze verschillen sterk per herkomst. Cijfers en toedrachten kunnen door de snelle ontwikkelingen achterhaald zijn.
Reactie plaatsen
Reacties